Zoals jullie waarschijnlijk wel hebben meegekregen is in april de president van Malawi overleden. Nog geen maand later is de levenssituatie van veel mensen verbeterd. Er is weer diesel en benzine in het land en producten zijn ook weer betaalbaar voor de lokale bevolking. Het blijft een spannende tijd voor Malawi maar het lijkt allemaal de goede kant op te gaan.
En niet alleen met Malawi, ik kan in dit bericht eindelijk aankondigen dat de bouw van de High Care ruimte is begonnen! Het winnende project van mijn droombaan krijgt iedere dag meer vorm. Sinds mijn komst heb ik veel besprekingen met allerlei mensen gehad voordat de bouw officieel kon beginnen. Deze periode leek soms eindeloos lang te duren en ik voelde me op bepaalde momenten meer architect en bouwkundige dan verpleegkundige maar het is geweldig om te zien dat er inmiddels gegraven, gesloopt en gewerkt wordt aan de high care unit. Ik heb me gerealiseerd in de afgelopen maanden dat er nog heel veel komt kijken bij een project als dit maar het is geweldig om te zien dat uiteindelijk met inspanning en volledige inzet alles goed komt. Ik ben inmiddels bezig met de volgende stap wat de aanschaf van materialen betreft; wastafels, tegels, lampen, etc. Helaas heeft de Gamma noch de Ikea hier zijn intrede gedaan…
Omdat de ruimte op de kinderafdeling (vanwege de bouw) nu nog kleiner is maar we het aantal bedden gelijk wilde houden, staan de bedden in groepen van drie tegen elkaar aan. Dit houdt in dat sommige bedden nu niet eens meer bereikbaar zijn zonder over of onder een ander bed te klimmen. Complete chaos die in geen enkel opzicht te vergelijken is met onze gestructureerde ziekenhuizen in Nederland. De dagen zijn vaak lang en vermoeiend maar we streven er elke dag naar om alle kinderen gezond naar huis te sturen. Ieder kind dat overlijdt is er een teveel en met dit in ons gedachte blijven we doorgaan tot we onze dienst kunnen overdragen.
Zoals ik beschreef in mijn vorige berichten nam sinds februari het aantal kinderopnames gestaag af. Echter is er sinds eind april ineens een onverklaarbare toename van ernstig zieke kinderen. Verschillende kinderen hebben we laten overplaatsen naar een groter ziekenhuis in de hoofdstad en we hopen zo snel mogelijk feedback te krijgen over de diagnoses en behandeling. Malaria heeft inmiddels plaats gemaakt voor pneumonia vanwege de afnemende temperatuur. Spijtig genoeg heeft het Nkhoma ziekenhuis slechts enkele zuurstofapparaten, wat momenteel het aantal kinderen dat zuurstof nodig heeft, niet kan voorzien. Dagelijks maken we de keuze welk kind wel zuurstof krijgt en welk kind we geen extra zuurstof kunnen geven. Afgelopen week keek een klein kindje mij recht aan met van die grote glazige ogen alsof ze zwijgend smeekte om haar aan de zuurstof te leggen. Dit zijn beslissingen die voor de kinderen gevolgen kunnen hebben voor de rest van hun leven maar we hebben helaas geen andere opties. Ondanks dat het sterftepercentage afneemt hebben we in april nog een verschrikkelijk moment meegemaakt. Onder andere de 15 minuten waarin 3 kindjes overleden. Ik hoop dat dit echt nooit meer zal gebeuren, de onmacht is ondraaglijk voor het personeel dat zo hard probeert het goede te doen met de weinig middelen, handen en mogelijkheden die ze hebben.
Het werk op de afdeling brengt iedere dag weer grote uitdagingen met zich mee. Ik sta inmiddels volledig ingepland wat inhoud dat ik afgelopen week samen met een collega de verantwoordelijkheid droeg voor 150 zieke kinderen! De nachtploeg vertelde ons al dat we zouden gaan zweten en daarin hadden ze niet overdreven… Maar ik mag niet klagen want ik heb een heerlijke vakantie achter de rug. De tweede week van april ben ik samen met mijn familie op safari geweest in het South Luangwa park in Zambia. Dit stukje wereld heb ik vorig jaar in mijn hart gesloten en ik voelde me dan ook bevoorrecht dat ik de mogelijkheid had om hier nog eens naar toe te gaan. Opnieuw was het een prachtig avontuur. De eerste ochtend hadden we olifanten en nijlpaarden in het kamp. Het is zo onwerkelijk om deze enorme, wilde beesten naast je tent te zien lopen. Op safari hebben we zoveel prachtige dieren gezien, soms van enkele meters afstand! Zoals de 4 leeuwen en luipaarden. Kortom, een geweldige ervaring die mij de rest van mijn leven zal bijblijven.
Deze keer een uitgebreide beschrijving van zondag 11, maandag 12 en dinsdag 13 maart.
Zondagochtend waren we al vroeg vertrokken om de felste zon enigszins te ontwijken. Na een bijna 2 uur durende ‘wandeling’ door modder en het oversteken van een riviertje bereikten we het dorp van Jessi. Voordat ik goed en wel kon rondkijken waar we beland waren sprong er een vijf jarig meisje in mijn armen. Niets deed me nog herinneren aan het zieke meisje dat nog geen 8 maanden geleden verschillende weken op het randje van de dood balanceerde. Ondanks dat de hele familie besmet is met het HIV-virus zien de kinderen er goed uit! Jessi was net begonnen met school en praatte, danste en lachte ons gehel verblijf. De Chief (baas) van het dorp en de hele familie (het halve dorp) werden al snel in het hutje uitgenodigd om ons welkom te heten. We hebben in het prachtige dorp rondgelopen. Armbandjes uitgedeeld aan de kinderen en gegeten samen met de familie van Jessi (met angst voor het oplopen van een voedselvergiftiging). Jessi vertelde al voordat we op de grond van het hutje gingen zitten dat haar moeder speciaal eieren had gekocht voor onze komst. De kinderen genoten zienderogen van de maaltijd die genuttigd werd met alle handjes etend uit een grote bak.
Helaas moesten we na het eten weer terug naar ons eigen dorp vanwege het vooruitzicht van de 2-uur durende terugreis. Opnieuw door kuddes koeien, geiten en modder hebben we de weg terug naar huis gevolgd. De vader van Jessi werkt als een bewaker bij een poort van een huis. Tweemaal daags legt hij de 12 km af om op zijn werk te komen om vervolgens terug te keren met minder dan 1 dollar aan loon. Hij kan dan ook maar net rondkomen voor zijn gezin van 4 kinderen mede dankzij de hulp van familieleden en dorpbewoners. De financiële situatie heeft echter geen invloed op de liefde tussen de familieleden binnen het gezin. Het hechte gezin weet dat ze afhankelijk zijn van elkaar en de ouders van Jessi zijn nog dagelijks dankbaar dat ze hun dochtertje niet hebben verloren. De kinderen hebben opvallend veel respect voor de ouderen en dragen hun steentje bij in het huishouden waar ze kunnen.
Op maandag ochtend werd ik uiteraard wakker met spierpijn maar om 7 uur begon ik fris en fruitig weer op de afdeling voor een nieuwe dag. Maandagen zijn altijd erg druk omdat mensen in het weekend vaak thuis blijven. Ook deze maandag begon weer hectisch. Om 8 uur kwam er een ziek, comateus 6- jarig meisje binnen samen met haar oma. Al snel bleek dat ze zowel meningitis als malaria had. Na medicatie begon de temperatuur van 40.5 graden Celsius langzaam aan te zakken evenals haar veel te hoge pols. Tegen 12 uur dachten we de situatie onder controle te hebben, zo ver als mogelijk was, en dit werd bevestigd toen ze 10 minuten later uit haar comateuze toestand kwam. Om 1 uur ging ik naar huis voor lunch en nog geen 10 minuten thuis werd er op de deur geklopt. Het meisje was zojuist overleden. Eenmaal terug op de afdeling trof ik de oma schreeuwend en huilend aan. Hartverscheurend. Ze was ook volledig in paniek omdat ze geen idee had hoe ze terug moest naar haar dorp, 26 km verderop. De afstand was veel te ver om te lopen voor de oma en tevens was zij te oud om het gewicht van het 6-jarig meisje te dragen. Ze wilde direct vertrekken omdat ze dan in ieder geval nog een begin kon maken aan de reis voor het donker werd. Deze schrijnende situatie voelde ik extra hard vanwege de afstand die ik de dag ervoor had afgelegd, nog niet de helft en dan zonder het gewicht van een 6-jarig kindje. Ik wist gewoonweg dat dit niet mogelijks was en na enige onderhandelingen stond er gelukkig een ambulance klaar om het inmiddels stijve en koude lichaampje terug te brengen naar het geboorte dorp. Uit respect begeleidde alle moeders op de afdeling de oma naar de ambulance waar ze schreeuwend en verward instapte. Door het regenseizoen zijn de wegen erg slecht en moesten we onderweg nog stoppen om een waterstroom dicht te gooien met stenen en modder. Gelukkig kregen we ondersteuning van de jongeren uit de omliggende dorpen. Uit de verte hoorde ik al huilende geluiden en traditioneel gezang nog voordat het dorp in zicht was. Eenmaal op de ‘hoofdweg’ van het dorp troffen we iedereen in tranen aan. Zelf de jonge kinderen leken te begrijpen wat de gevolgen waren nu het meisje was overleden. We stopte bij het huis van de chief (dorpshoofd) waar de familie klaar stond om het lichaampje uit de auto te dragen. In het huisje werd het lichaampje op het midden van de vloer gelegd, eromheen zaten de familie en vrienden. De moeder was ontroostbaar. Ze kon haar eigen kindje niet naar het ziekenhuis brengen omdat ze net bevallen was van haar tweede kindje. Wegrijdend uit het dorp kon ik mijn eigen verdriet maar moeizaam verbergen. Beseffend dat de familie voor altijd getekend zal zijn door dit verlies. De volgende dag om 11 uur is het meisje in haar eigen dorp begraven.
Onvoorstelbaar dat mensen echt uren moeten lopen voordat ze zorg kunnen ontvangen, wetend dat je kindje erg ziek is en je simpelweg niets anders kunt doen dan blijven lopen, zo snel mogelijk. Die machteloosheid moet bijna ondraaglijk zijn.
Wat een begin van de week, wat een maandag. Echter zou dinsdag totaal anders zijn, een goede dag waarin preventie centraal stond. Ik droeg de verantwoordelijkheid voor de outreach. Dit is het immunisatie programma voor baby’s en kinderen onder de 5 jaar. Na de overdracht vertrokken we opnieuw met een ambulance op een hobbelige weg naar een vergelegen dorp. Niet zonder slag of stoot want na 30 minuten zaten we al vast in de modder. Gelukkig de taak aan de mannen om de jeep uit de modder te krijgen wat na verschillende pogingen dan toch gelukt was. Eenmaal aangekomen zaten er al honderden moeders met hun kinderen klaar. Sommige al voor zonsopgang vertrokken om hun kindjes van de juiste vaccinaties te kunnen voorzien. Helaas waren er ook veel meisjes van amper 9 jaar die met een broertje of zusje van onder de vijf jaar wachtte op de juiste zorg. Alle kinderen werden in de opeenvolgende uren gedruppeld tegen polio en ingeënt tegen verschillende ziektes. De zieke kindjes werden onderzocht op malaria , de moeders werden onderzocht op HIV en kregen tevens uitleg over voedsel voor de kinderen. Het was heel fijn om zoveel kinderen te zien die goed verzorgd worden, die gezond zijn en bezorgde en liefhebbende ouders hebben. In het ziekenhuis krijg ik wel eens een andere indruk door de verwaarloosde en uitgemergelde kindjes. Echter zijn de kinderen die opgenomen worden in het ziekenhuis natuurlijk een selectie van de meest zieke kinderen. Er zijn gelukkig ook heel veel goed verzorgde kinderen wat ik me tijdens de outreach weer even realiseerde.
Dinsdag avond lag ik voldaan in mijn bed en prees ik me weer gelukkig dat ik zo’n ontzettend bijzondere en mooie baan mag uitvoeren. De angst dat de tijd zo snel gaat overvalt me geregeld maar ik kan me gelukkig nog geruststellen met het feit dat ik nog niet eens op de helft van het “World of Difference” jaar zit.
Ik weet niet of jullie op de hoogte worden gehouden van de situatie in Malawi sinds het land failliet is verklaart maar de president, die een dictatuur wil vormen, heeft 60 dagen de tijd gekregen om vrijwillig af te treden. Regelmatig zijn er rellen en gevechten in de hoofdstad maar daar krijg ik op de plaats waar ik woon niets van mee. Er is momenteel geen diesel of benzine in het land en het ziekenhuis bereidt zich voor op grote aantallen ondervoede kinderen doordat alles duurder en schaarser wordt in het land. Spannende tijden voor Malawi dus!
Ongelooflijk dat de tweede maand van mijn World Of Difference jaar al weer tot een einde is gekomen! De afgelopen maand was in weinig opzichten te vergelijken met de situatie in januari. Het malariaseizoen begint langzaamaan op een einde te lopen dus het aantal opnames in het ziekenhuis is verminderd, evenals het sterftecijfer. Er is inmiddels
vers en helder water beschikbaar uit de bergen, de mango’s hebben zich ingewisseld voor avocado’s en het lijkt zelfs alsof we vaker en regelmatiger stroom hebben…
Zoals ik in mijn vorige bericht vertelde draag ik sinds de afgelopen maand de verantwoordelijkheid voor het melkprogramma op de kinderafdeling. Met een groot portie geduld zijn we zover dat alle kinderen die ondervoed zijn ook daadwerkelijk de calorievolle melk of pindakaas ontvangen. Echter loop ik nog dagelijks tegen problemen aan en is het ziekenhuis nog altijd in beraad hoe het voedselprogramma verbeterd kan worden. World Vision heeft inmiddels aangeboden om het personeel dat verantwoordelijk is voor de ondervoedde kinderen opnieuw trainingen te geven. Hopelijk wordt hier snel werk van gemaakt.
Ik vind het ontzettend mooi werk om zorg te dragen voor de ondervoede kinderen. Het resultaat van goede voeding op kort termijn is onvoorstelbaar. De ondervoede kinderen komen bijna reactieloos binnen, ze zijn niet meer in staat om te lopen en huilen zonder tranen. 10 dagen op goede voeding en de meeste kinderen zijn niet meer herkenbaar. geweldig om deze veranderingen te zien.
De vergadering omtrent de realisatie van de high care unit heeft inmiddels plaatsgevonden. De architect is al bezig met het afronden van de bouwtekeningen. Het belang van een aparte ruimte waar de meest zieke kinderen zorg kunnen ontvangen is door ieder personeelslid op de kinderafdeling beaamd en de bouw kan nu hopelijk snel van start gaan. De realisatie van de high care unit zal behoorlijk wat tijd gaan kosten en ik verwacht dan ook nog voldoende problemen tegen te komen. Het feit dat Malawi failliet is maakt het ook allemaal niet echt gemakkelijker… Maar ik geloof in dit project en met de
hulp die ik krijg vanuit allerlei kanten heb ik het volste vertrouwen dat de high care unit vele kinderen zal gaan ondersteunen in een snelle terugkeer naar hun dorp.
Ik ben inmiddels ook een weekend naar Malawi Lake gegaan en heb hier
intens genoten van het prachtige Malawi. Enkel de foto’s zullen jullie een
beeld hiervan geven. Uren lang heb ik gesnorkeld en de meest kleurrijke vissen
gespot, ik ben dus weer uitgerust om me volledig in te zetten de komende maand.
De komende week sta ik ingepland om mee te gaan op outreach naar de dorpen. Door het immuniseren, voorlichten en controleren van de moeders en kinderen in de dorpen bieden we preventieve zorg om het aantal opnames te verminderen. Ik kan niet wachten om met de ambulance over de stoffige en bijna ontoegankelijke zandweggetjes te rijden op weg naar de dorpen. In het volgende verslag kom ik hier vast en zeker op terug!
De tijd die nu verstreken is sinds mijn vertrek vanuit Nederland heeft mij regelmatig geconfronteerd met verschrikkelijke situaties. Ondanks de armoede en de ellende die ik dagelijks in mijn werk ontmoet zie ik het als een voorrecht om te mogen werken in dergelijke omstandigheden omdat ik ervan overtuigd ben dat het mij als mens meer bewust maakt van wat echt leven is. Ik leer hier intens te genieten van mooie momenten, juist omdat je de andere kant ervan kent.
Het schiet me nu ineens te binnen dat dit misschien ook wel de rede is
waarom de meeste Afrikanen, ondanks de situatie waarin ze leven, een positieve kijk op
het leven hebben.
Bedankt voor alle berichtjes!
Foto’s van februari zijn te vinden op:
Januari in Malawi staat garant voor geregeld een tropische regenbui, mango’s, vuurvliegjes, powercuts, bruin water en malaria. Vooral malaria… De grootste vijand onder de kinderen hier.
Door het malariaseizoen liep het aantal kinderopnames de afgelopen maand in de duizenden. Dacht ik vorig jaar nog dat 4 kinderen op één bed echt niet kon, heb ik nu ervaren dat met pas en meetwerk er 6 in één bed passen. En dan heb je natuurlijk ook de ruimtes onder, naast, voor en achter de bedden nog, waar de zieke kinderen terecht kunnen. Om de temperatuur te controleren, een nieuw infuus te prikken of om bijvoorbeeld een bloedtransfusie of medicijnen te geven klim je gewoon over alle kinderen heen totdat je het betreffende patientje gevonden en bereikt hebt. Een crisis situatie zoals het ziekenhuis het zelf noemt zorgt ervoor dat werkdagen van 12 uur geen uitzondering zijn en het gebrek aan lunchtijd word goedgemaakt met een gratis Cola. Kortom: gekkenhuis!
Mijn afgelopen maand bestond zo ongeveer uit werken, eten en slapen. Zoals de Malawianen zelf zeggen: ‘we werken als mieren’. En dat werpt natuurlijk zijn vruchten af.
Iedere dag worden kindjes ontslagen die enkele dagen eerder letterlijk doodziek opgenomen werden. Het is ongelooflijk in wat voor situaties kinderen soms binnenkomen. Temperaturen liggen gemiddeld onder de 34 of boven de 40 graden, het hemoglobinegehalte kent dalen tot 1.7 g/dl en dan nog maar niet gesproken over de voedingstoestand. Kinderen kunnen heel wat hebben denk ik vaak als ik ze het ziekenhuis weer lachend zie verlaten.
En dan is er die keerzijde. Het moment waarop een kindje het ziekenhuis
verlaat gewikkeld in doeken, koud en stijf gebonden op de rug van de moeder.
Hun lijden scheurt dwars door je ziel.
Op een ‘goede’ dag verliezen we 1 kindje, soms 2 kindjes maar 4 of 5 op
één dag is zeker geen uitzondering.
Soms komen moeders na een halve dag, of langer lopen met een slap, bleek en reactieloos kindje het ziekenhuis in en sterft het nog voordat we een infuus, voor medicatie of een bloedtransfusie hebben kunnen prikken. Zoals eergisteren toen een moeder van een 2,5 jaar oude tweeling merkte, tijdens het sprokkelen van hout op een berg vlak bij het ziekenhuis, dat het meisje op haar rug niet meer bewoog. 30 minuten heeft ze aaneen gerent naar het ziekenhuis terwijl het al te laat was…
Soms komen kinderen uitgemergeld of juist opgezwollen binnen van de ondervoeding. Met speciale melk, die we via een slangetje in de neus geven, hopen we de kindjes langzaam te zien opknappen maar meestal verliezen ze het gevecht en knijpen ze er
stilletjes in hun slaap tussenuit. Zoals Katinga. Een meisje van 3 jaar met een gewicht van 6.3 kilogram. Na 5 dagen in het ziekenhuis verloor ze alsnog de strijd tegen de hongerdood.
De meeste kindjes die overlijden hebben een combinatie van ondervoeding, malaria, longontsteking of meningitis. De overlevingskans van deze kinderen is erg klein. Zeker wanneer ze eerst al bij een medicijnman geweest zijn. Zoals het baby’tje dat ik op mijn eerste werkdag verloor na 2 uur beademd te hebben. De moeder had geen geld voor transport van het baby’tje naar haar dorp (een lijkje transporteren kost veel meer geld in de minibussen) Daarom besloot ze haar kindje mee te nemen in een tas en niets te zeggen tot ze in haar dorp was.
En dan die moeder die op één dag 2 kindjes verloor aan meningitis. Of het 11-jarige meisje dat een reanimatie overleefde maar alsnog 24 uur laten stierf aan de gevolgen van Tyfus. En het jongetje met AIDS in stadium 4, en die keer dat er 2 kindjes op hetzelfde moment overleden… en ook nog die baby met sepsis… en dat meisje… en… en…
Gelukkig nadert het einde van het malariaseizoen. We zien al een afname van het aantal binnenkomende kinderen. Nog een paar weken en de situatie op de kinderafdeling is weer enigszins te overzien en lunchpauzes kunnen weer genuttigd worden zoals het hoort. Nog maar een paar weken…
Misschien is het moeilijk voor te stellen maar er is op het moment geen enkele plaats waar ik liever zou willen zijn dan hier in Nkhoma. Ik ben dankbaar en gelukkig dat ik hier ben en ik hoef me in ieder geval niet af te vragen waarom… Er staan nog 32 vacatures open op de kinderafdeling voor enkel verpleegkundigen!
In februari krijg ik ook de verantwoordelijkheid over het voedselprogramma op de kinderafdeling. Momenteel ontvangen de kinderen niet de juiste hoeveelheden terwijl de speciale melk wel aanwezig is door een sponsor uit Amerika. Samen met iemand van het world food program ga ik het voedselprogramma opnieuw opzetten en trainingen geven aan het personeel van het voedselprogramma zodat de kinderen de juiste hoeveelheden op de juiste tijden zullen ontvangen. Volgende keer meer hierover.
Op 23 januari is het project van Cordaid Memisa gelaunched in Lilongwe. Het C4C project zal het contact tussen de chronisch zieke patiënten in de dorpen en de health centres/ziekenhuis gaan verbeteren door middel van mobiele technologie. Het was erg leuk om even bezoek te krijgen van Jasper (werkzaam bij Cordaid Memisa in de sector gezondheidszorg) Ik geloof dat het ziekenhuis veel indruk gemaakt heeft. Nog bedankt voor de stroopwafels!
Aankomende week heb ik mijn eerste vergadering omtrent de realisatie van de high room unit samen met de architect en het bouwteam van het ziekenhuis. Het dak van de kinderafdeling zal ook vernieuwd gaan worden omdat overal lekken zitten en de schimmel bijna 1 cm dik is.
Ow, ja: voordat ik het vergeet: de meest sappige, verse en grootste mango’s kosten hier 0.25 eurocent! Daar mag de AH wel eens een voorbeeld aan nemen!
Bedankt voor alle lieve en leuke berichtjes op mijn eerste blog.